column

Tafeltenniscolumn Richard Heeres

Richard HeeresRijp voor Papendal

“Jullie hebben een zevenmansteam en kunnen de bezetting niet eens rond krijgen?” Meermalen hebben tafeltennissers mij afgelopen seizoen deze ‘vraag’ gesteld. Inderdaad: FTTC 1 is een speelbal van de moderne tijd. Een tijd waarin veel mensen het drukker hebben dan bijvoorbeeld in de jaren zeventig en tachtig, die nu oases van rust en zeeën van tijd lijken. Jij en je partner werken, er zijn kinderen voor wie gezorgd moet worden, tussendoor zijn er volop andere hobby’s en sociale verplichtingen. En dan wil je liefst ook nog twee keer in de week trainen. Die wedstrijd op vrijdag of zaterdag komt dan niet altijd gelegen.

Competitie spelen wil ik wel, maar niet twintig keer per jaar. En zo denkt het gros van mijn teamgenoten erover. Dit seizoen reden we 950 kilometer om uitwedstrijden te spelen. Dat is van Franeker tot voorbij Kopenhagen. Doe je dat twee keer per jaar (voorjaars- en najaarscompetitie), dan zit je lang en breed in Barcelona. Een avondje competitie in Harkstede: 17.00 uur tas pakken, 18.00 uur in de auto, 20.15 uur beginnen, 00.45 uur klaar, 02.00 uur na verkleden en drie snelle pilsjes weer in de auto, 03.30 uur thuis. Dag vrijdagavond én zaterdagochtend.

Competitie spelen wil ik hooguit vijf keer per seizoen. Dat valt wél te combineren met werk, met mijn dochter en met andere zaken die ik net zo liefheb als tafeltennis. Maar de NTTB wil niet meewerken, blijft stug vasthouden aan een competitieschema en -systeem die door de tijd zijn ingehaald. In 1986 ben ik begonnen met tafeltennis, we speelden destijds – net als nu – competitiewedstrijden die bestonden uit tien partijen. Als je de vergeelde Leeuwarder Courant openslaat, lees je dat dat ook al in 1949 gebeurde. John Lennon oefende toen nog op een speelgoedpianootje.

Als iets fantastisch werkt, hoef je daar niet aan te morrelen. Maar werkt de tafeltenniscompetitie van de NTTB 65 jaar later nog? Ik betwijfel het. In elk geval niet in Franeker en niet voor FTTC 1. Tijd, tijd, tijd: zelfs maar vijf wedstrijden spelen kost je 36 uren per seizoen, voor de meesten een complete werkweek. En dan brei je het zelfs met een zevenmansteam nauwelijks rond. Dat werkt demotiverend. Inmiddels hebben twee spelers van FTTC 1 aangegeven geen trek meer in de competitie te hebben, wellicht volgen er meer. De kans is groot dat FTTC met dank aan de achterhaalde, tijd vretende competitieopzet komend seizoen opnieuw een seniorenteam kwijtraakt.

Dan denk je: het is twee voor twaalf voor de NTTB, voor het breedtetafeltennis in Nederland (of in elk geval in Friesland). Want er zullen toch vast meer verenigingen en spelers zijn die worstelen met de sores van een competitie die in haar huidige vorm in een museum op Papendal thuishoort? Dat het ledenaantal van de NTTB Noord binnen twee jaar met tien procent (ruim tweehonderd leden) is gedaald, moet toch alarmbellen doen rinkelen? Zou de te zware competitiebelasting niet een van de redenen zijn waarom volwassen tafeltennissers hun batje in de wilgen hangen? Wordt het niet tijd om tafeltennissers, of mensen die willen beginnen met tafeltennis, een breed ingevoerde, behapbare én gezellige competitie te bieden? Het is alleen even wennen na decennia van halsstarrig conservatisme.

O ja, ik vergeet nog de uitkomsten van een enquête die de NTTB twee jaar geleden heeft gehouden. Daaruit kwam naar voren dat de meeste ondervraagde tafeltennissers tevreden zijn over de huidige competitieopzet. Kortom, reden genoeg om nog 65 jaar achterover te leunen: de leden hebben immers gesproken. Onwerkelijk. Intussen pingt eenmaal per maand de volgende bedroevende update van het NTTB Noord-ledenaantal op Facebook en blijft het aantal competitieteams in Friesland dalen. En moet het eerste jeugdteam van FTTC, dat in de állerlaagste competitieklasse uitkomt, voor wedstrijden naar Eelde, Winsum, Groningen en Harkstede reizen omdat er in Friesland onvoldoende jeugdteams zijn.

Het bestuur van FTTC heeft vorig seizoen Friese verenigingen gemaild over het opzetten van een duocompetitie voor senioren. Positieve reacties: nul. Als er al reacties waren. Men wil blijkbaar niet vooruit en ook niet achteruit. Maar wat wil men dan wél? Wachten op de dag dat ook de laatste seniorenteams de clubtrap tegen de dichtstbijzijnde wilg zetten?

Richard Heeres is speler van FTTC 1 en freelance tekstschrijver bij Tekstbureau Teksttalenten (http://www.teksttalenten.nl)

Column: Sport en voeding

Column sport en voedingSport en voeding hebben een zeer duidelijke relatie met elkaar. Vaak kun je met voeding je sportresultaten ook beïnvloeden, positief en negatief. Het lichaam heeft bepaalde brandstoffen nodig; zonder of met minder van deze brandstoffen werkt het lichaam minder effectief. Daardoor lever je minder goede prestaties.

Als vitaliteitscoach heeft fysiotherapeut Sybo Offenga hiermee regelmatig te maken in zijn praktijk. Maar ook ik, shiatsutherapeut en sportmasseur Hugo Faber, kan duidelijke verschillen zien in de keuze voor verschillende voedingsmiddelen. Daarbij moet worden opgemerkt dat er voor elk lichaam en iedere persoon verschillen kunnen bestaan ten opzichte van de standaard.

Voor een optimaal gebruik van het lichaam als bewegingsapparaat voor sport gelden enkele spelregels. De spelregels voor gezonde eetgewoonten zijn niet zo ingewikkeld, maar het vraagt van een sporter wel discipline om deze op te volgen.

1. Eet met regelmaat

Gezond eten heeft ook te maken met regelmaat. Eet drie keer per dag een maaltijd, bij voorkeur op vaste tijden. Sla geen maaltijden over. Om te voorkomen dat je tussen de maaltijden trek krijgt, eet je ongeveer drie keer per dag een tussendoortje.

2. Schep verstandig op

Houd je aan deze eenvoudige opschepregel: vul ongeveer de helft van je bord met groenten of salade, 25% met koolhydraten (pasta, granen, couscous, aardappelen of rijst) en 25% met (mager) vlees of vis of een vleesvervanger. Zo eet je voldoende vetten, eiwitten en koolhydraten.

3. Eet met aandacht

Probeer geen andere dingen te doen als je eet. Zet de tv of computer uit en ga er rustig voor zitten. Als je bewust met eten bezig bent, zul je merken dat het beter smaakt. Kauw rustig en met aandacht, dit is goed voor je spijsvertering. Rustig eten is ook belangrijk voor je verzadigingsgevoel. Het duurt namelijk even voordat je hersenen het signaal ‘genoeg gegeten’ krijgen.

4. Eet volop groente en fruit

Gezonde voeding bevat ruime porties groente en fruit. Groente en fruit zijn vezelrijke voedingsmiddelen die weinig calorieën en juist veel nuttige voedingsstoffen leveren. Eet daarom minimaal 200 gram groenten en 2-5 porties fruit per dag. Neem bijvoorbeeld vaker een fruitsnack, eet een salade of eet fruit op brood. Zorg wel voor afwisseling in de soort groenten en fruit, want overal zit weer net iets anders in.

5. Eet gezonde koolhydraten en weinig (toegevoegde) suikers

Brood, koek, frisdrank, fruit en macaroni bevatten koolhydraten. Deze worden omgezet in glucose en komen zo in je bloed. Hormonen in je lichaam zorgen dat je bloedsuikerspiegel niet te veel schommelt. Suikers in snoep, koek en frisdrank worden ook wel ‘snelle suikers’ genoemd. Deze worden snel in je bloed opgenomen en doen zo snel de bloedsuikerspiegel stijgen. Het stilt even je trek. Dit is echter van korte duur. Na de ‘suikerpiek’ krijg je namelijk al snel weer zin in eten.

Gezonde keuzes zijn koolhydraatbronnen die veel voedingsvezels bevatten, zoals volkorenbrood, volkorenpasta, zilvervliesrijst en peulvruchten. Fruit bevat snelle suikers, maar deze zijn ‘verpakt’ in voedingsvezel.

6. Eet je vol met vezels

Vezelrijk eten. Het is even wennen, maar vezels zijn echt nodig. Deze zorgen voor een gevuld gevoel. Je stopt daardoor eerder met eten en krijgt minder snel weer honger. En dat helpt om niet te veel (tussendoor) te eten. Vezels zijn ook belangrijk voor een goede darmwerking. Ze zitten in groenten, fruit, noten, zaden, peulvruchten en volkorenproducten, zoals brood, pasta en rijst.

7. Beperk de hoeveelheid verzadigd vet en transvetten

Je lichaam heeft vet nodig. Vet is een bron van onverzadigde vetzuren en vitamine A, D en E. Niet alle vet is hetzelfde. Onverzadigde vetten zijn goede vetten. Verzadigd vet is slecht voor de gezondheid. Verzadigd vet zit in volvette dierlijke producten en zit vaak ‘verborgen’ in koek, gebak, snacks, zoutjes en fastfood. Soms staat de hoeveelheid verzadigd vet op het etiket vermeld. Zo kun je die hoeveelheid beperken.

8. Zorg voor voldoende onverzadigd vet

Zet twee keer per week vis op het menu. Vis levert vitamine B6 en B12, maar ook jodium en vetzuren (omega-3). Vooral de vette soorten. Verder zit in vis vitamine A en D. Eet minstens één keer per week vette vis, bijvoorbeeld makreel, haring, zalm, paling, bokking, sardines en forel. Nuttig daarnaast royaal olijfolie.

9. Zorg voor voldoende eiwitten

Eiwitten zorgen voor verzadiging en zijn de bouwstoffen van je spieren. Probeer eens bij elke maaltijd eiwitten te eten. Bijvoorbeeld een gekookt eitje, magere vleeswaren, vis of kaas.

10. Drink verstandig

Voldoende vocht is belangrijk. Een volwassene heeft dagelijks gemiddeld anderhalf tot twee liter vocht nodig. Dit haal je bijvoorbeeld uit water, koffie, thee, melk, vruchtensap en frisdrank.

Enkele tips

  • Drink liever niet tijdens de maaltijden, drink bij voorkeur voor of na de maaltijd.
  • Wees matig met cafeïnerijke dranken, zoals koffie, chocolademelk, cola, energy drinks en zwarte thee. Drink bij voorkeur niet meer dan vier koppen per dag.
  • Drink niet te veel vruchtensap. Dit bevat namelijk snelle suikers en weinig vezel. En drink bij uitzondering (light) frisdrank.
  • Wees matig met alcohol en drink niet elke dag alcohol in verband met gewenning. Alcohol is geen goede dorstlesser en is calorierijk. Als je niet te veel alcohol drinkt (vrouw één glas, man twee glazen per dag), hoeft dat je gezondheid niet te schaden.

Tot slot

  • Sla geen maaltijden over. Bezuinig op koekjes, snacks, snoep, frisdrank en alcohol, maar schrap niet in één keer al het ‘lekkers’! Halveer om te beginnen de portiegrootte en probeer niet elke dag te snoepen.
  • Ga je minder eten? Veranderen kost tijd. Probeer eens om je een tijd lang (ten minste een week) heel bewust aan de hoeveelheden te houden. Dat geeft je lichaam de tijd om aan die nieuwe porties te wennen. Vind je het lastig om zo ‘afgemeten’ op te scheppen? Start dan simpel door op te scheppen zoals je dat normaal ook doet en door vervolgens een schep weer terug in de pan te doen.
  • Eetgewoonten zijn veel gemakkelijker te veranderen als je je plezier in eten behoudt. Eet dus wat je lekker vindt. Zoek zo nodig gezonde alternatieven voor jouw favoriete voedsel. Het soort eten waarvan jij houdt, bestaat zeker ook in een ‘gezonde’ versie.

Hugo Faber (strandloper8@hotmail.com) & Sybo Offenga (sybo@lwdzuid.nl)

Zorgverzekeringen 2014 vergelijken: http://tinyurl.com/q7x9a9r

Nieuwste column weer op TTNieuws.nl

De nieuwste column van FTTC’er Johan Vogelzang is sinds vandaag weer te zien op de tafeltenniswebsite van Nederland: www.ttnieuws.nl
Het gaat onder andere over de verbanden tussen de edele tafeltennissport met andere sporten en welke lering
ende vermaeck (woordkeus met dank aan Tijl Uilenspiegel) je daaruit kunt trekken.

Veel leesplezier
Fijne dag,

Johan